- Het idee dat psychedelica de creativiteit vergroten, bestaat al sinds de jaren vijftig en is diep verankerd in de populaire cultuur.
- Psilocybine kan het divergente denken (het genereren van meerdere oplossingen) tijdelijk versterken, maar het convergente denken (het vinden van de juiste oplossing) lijkt tijdelijk af te nemen.
- De meeste studies naar creativiteit en psilocybine zijn klein, ongecontroleerd of gebaseerd op zelfrapportage.
- Microdosering wordt vaak in verband gebracht met creativiteit, maar gecontroleerde studies vinden geen of slechts marginale effecten.
- Het is voorbarig om psilocybine als "creativiteitsmiddel" te beschouwen; het bewijs is niet sterk genoeg voor die conclusie.
Creativiteit en psychedelica: een kort historisch perspectief
De relatie tussen psychedelica en creativiteit is niet nieuw. In de jaren vijftig en zestig, toen LSD en mescaline voor het eerst systematisch werden onderzocht, ontstond het idee dat deze stoffen het creatieve proces konden verrijken. Kunstenaars, musici en schrijvers experimenteerden openlijk met psychedelica. Aldous Huxley beschreef in The Doors of Perception (1954) hoe mescaline zijn waarneming fundamenteel veranderde.
In 1966 voerde James Fadiman een van de eerste gestructureerde experimenten uit: hij gaf mescaline aan ingenieurs en wetenschappers en vroeg hen aan problemen te werken waar ze al langere tijd vastliepen. De deelnemers rapporteerden doorbraken en ongebruikelijke oplossingen. Het onderzoek werd echter afgebroken door de Drug Abuse Control Amendments en is sindsdien niet gerepliceerd.
Na decennia van stilstand in het onderzoek is de belangstelling voor psychedelica en creativiteit de afgelopen tien jaar teruggekeerd. Nu met meer wetenschappelijke methoden, maar ook met nieuwe complicaties.
Wat is creativiteit in wetenschappelijke zin?
Creativiteit is een breed concept dat in de psychologie op meerdere manieren wordt gedefinieerd en gemeten. Twee centrale begrippen zijn:
Divergent denken
Divergent denken is het vermogen om veel verschillende ideeen, associaties of oplossingen te genereren voor een open vraagstuk. Het wordt vaak gemeten met taken als de "Alternate Uses Task" (bedenk zoveel mogelijk toepassingen voor een baksteen) of de "Picture Concepts Task" (vind verbanden tussen ongerelateerde afbeeldingen).
Divergent denken wordt geassocieerd met flexibiliteit, originaliteit en vloeiendheid van ideeen. Het is het aspect van creativiteit dat het vaakst in verband wordt gebracht met psychedelica.
Convergent denken
Convergent denken is het vermogen om de enige juiste oplossing voor een probleem te vinden. Het wordt gemeten met taken als de "Remote Associates Test" (vind het woord dat drie andere woorden verbindt). Convergent denken vereist focus en analytisch vermogen.
Het creatieve proces vereist beide vormen van denken: eerst divergent (veel ideeen genereren) en daarna convergent (de beste selecteren en uitwerken). Een stof die alleen het divergente denken vergroot maar het convergente denken vermindert, levert niet per definitie meer creativiteit op.
Creativiteit in het dagelijks leven, het schrijven van een lied, het oplossen van een technisch probleem, het bedenken van een nieuw recept, laat zich moeilijk vangen in een laboratoriumtaak. De taken die onderzoekers gebruiken, meten specifieke cognitieve processen, niet "creativiteit" als geheel. Dat maakt de vertaling van onderzoeksresultaten naar de praktijk lastig.
Wat zegt het onderzoek over volle doses?
Er zijn een handvol studies die het effect van een volle dosis psilocybine op creatieve cognitie hebben onderzocht. De resultaten zijn gemengd.
Mason et al. (2019)
Een van de meest geciteerde studies is die van Mason et al. (2019), uitgevoerd aan de Universiteit Maastricht. Gezonde vrijwilligers kregen een dosis psilocybinetruffels en werden getest op divergent en convergent denken, zowel tijdens de acute effecten als de ochtend erna.
De resultaten:
- Tijdens de acute fase was het divergente denken verbeterd: deelnemers gaven meer originele antwoorden op de Picture Concepts Task.
- Het convergente denken was verminderd tijdens de acute fase: deelnemers presteerden slechter op de Remote Associates Test.
- De ochtend na de sessie was het divergente denken nog steeds verbeterd, terwijl het convergente denken was teruggekeerd naar het basisniveau.
Deze studie wordt vaak aangehaald als bewijs dat psilocybine de creativiteit vergroot. Maar er zijn kanttekeningen: de studie had geen placebogroep, de deelnemers wisten dat ze psilocybine hadden genomen, en de groep was klein (n=55 per conditie).
Kuypers et al. (2016)
Een eerdere studie van Kuypers et al. (2016) vond vergelijkbare resultaten: na inname van ayahuasca (dat DMT bevat, een vergelijkbare serotonergische psychedelicum) was het divergente denken verbeterd en het convergente denken verminderd. Dit suggereert dat het patroon niet specifiek is voor psilocybine, maar breder geldt voor serotonergische psychedelica.
"Psilocybine lijkt het creatieve denkproces te verschuiven: meer ideeen, minder focus. Of dat netto meer creativiteit oplevert, hangt af van de taak en de context." Naar: Mason et al., 2019
Microdosering en creativiteit
De populairste claim over psilocybine en creativiteit gaat niet over volle doses, maar over microdosering: het regelmatig innemen van een zeer lage dosis (doorgaans een tiende tot een twintigste van een standaarddosis). Silicon Valley-techneuten, kunstenaars en ondernemers claimen al jaren dat microdosering hun creativiteit, productiviteit en probleemoplossend vermogen vergroot.
Wat zegt het onderzoek?
De wetenschappelijke onderbouwing voor deze claims is zwak. De meest robuuste studies vinden weinig of geen effect van microdosering op creatieve cognitie.
- Szigeti et al. (2021): een grote, dubbelblinde, placebogecontroleerde studie (n=191) vond geen significant verschil in creatieve prestatie tussen microdosering en placebo. Deelnemers die dachten dat ze psilocybine hadden gekregen, rapporteerden meer creativiteit, ongeacht of ze daadwerkelijk psilocybine hadden gehad. Dit wijst sterk op een verwachtingseffect.
- Polito & Stevenson (2019): een observationele studie bij mensen die al microdoseerden, vond bescheiden verbeteringen in creativiteitsmaten, maar zonder placebocontrole is de waarde van die bevindingen beperkt.
- Anderson et al. (2019): een niet-geblindeerde studie bij microdoseerders vond verbeteringen in divergent denken, maar opnieuw zonder placebogroep.
Het patroon is consistent: ongecontroleerde studies en zelfrapportage vinden effecten, gecontroleerde studies niet of nauwelijks. Dat is een sterke aanwijzing dat verwachting (het placebo-effect) een grote rol speelt.
Het verwachtingseffect bij microdosering is bijzonder sterk. Mensen die microdoseren verwachten verbeteringen, en die verwachting kleurt hun zelfrapportage. In de studie van Szigeti et al. was het verschil in zelfgerapporteerde creativiteit tussen de placebogroep en de psilocybinegroep verwaarloosbaar, maar beide groepen rapporteerden verbeteringen ten opzichte van de baseline. Het geloof dat je microdoseert, lijkt voldoende om een subjectief creativiteitseffect te produceren.
Neurobiologische basis
Er zijn neurologische redenen om te verwachten dat psilocybine het creatieve denken kan beinvloeden. De mechanismen overlappen met wat bekend is over het effect van psilocybine op het brein in het algemeen.
Verhoogde hersenconnectiviteit
Onder invloed van psilocybine neemt de connectiviteit tussen hersengebieden die normaal niet met elkaar communiceren toe. Dit fenomeen, soms aangeduid als "hyper-connectiviteit", zou kunnen verklaren waarom mensen onder invloed ongebruikelijke associaties maken. Creativiteit draait voor een deel om het leggen van onverwachte verbanden, en dat is precies wat er neurologisch lijkt te gebeuren.
Verstoring van het default mode network
Het default mode network (DMN) is betrokken bij gewoontepatronen en vastgeroeste denkwijzen. De verstoring van het DMN door psilocybine zou kunnen bijdragen aan het doorbreken van cognitieve rigiditeit, een voorwaarde voor creatief denken.
Maar ook cognitieve beperkingen
Tegelijkertijd beinvloedt psilocybine werkgeheugen, aandacht en executieve functies negatief. Die cognitieve functies zijn nodig voor het ordenen, beoordelen en uitwerken van ideeen. Meer associaties genereren is niet hetzelfde als meer creatief zijn, als je die associaties niet kunt evalueren of uitwerken.
Beperkingen en nuancering
Het onderzoek naar psilocybine en creativiteit kent structurele beperkingen die de conclusies beperken.
- Geen placebocontrole in veel studies: bij volle doses is blinding bijna onmogelijk. Deelnemers weten dat ze iets hebben ingenomen. Dat bemoeilijkt het isoleren van het farmacologische effect.
- Laboratoriumtaken vs. echte creativiteit: de taken die in studies worden gebruikt, meten specifieke cognitieve processen. Of die vertalen naar "meer creatief zijn" in het dagelijks leven, is onduidelijk.
- Selectiebias: mensen die deelnemen aan psychedelica-onderzoek zijn doorgaans positief ingesteld ten opzichte van de stof. Dat kan de resultaten kleuren.
- Korte termijn vs. lange termijn: de meeste studies meten creativiteit tijdens of kort na de sessie. Of er langetermijneffecten zijn op creatieve prestatie, is nauwelijks onderzocht.
- Definitieprobleem: creativiteit is een vaag concept. Divergent denken is niet hetzelfde als creativiteit, en een hogere score op een laboratoriumtaak betekent niet dat iemand een beter schilderij schildert of een betere bedrijfsstrategie bedenkt.
Samenvatting
Het idee dat psilocybine de creativiteit vergroot, is verleidelijk en heeft een lange geschiedenis. De wetenschap biedt gedeeltelijke ondersteuning: er zijn aanwijzingen dat psilocybine het divergente denken kan versterken, waarschijnlijk door verhoogde hersenconnectiviteit en verstoring van vaste denkpatronen. Maar het convergente denken neemt tegelijkertijd af, en de netto-bijdrage aan "creativiteit" in de praktijk is niet aangetoond.
Bij microdosering is het bewijs nog zwakker: de sterkste studies vinden geen effect boven placebo. Het verwachtingseffect lijkt een grote, zo niet de voornaamste, verklaring voor de subjectieve verbeteringen die microdoseerders rapporteren.
De conclusie is niet dat psilocybine geen enkel effect heeft op creatieve processen. De conclusie is dat het bewijs te zwak is om psilocybine als creativiteitsmiddel te presenteren. Wie psilocybine gebruikt met als doel creatiever te worden, baseert zich meer op mythe dan op wetenschap.
- Mason, N.L., et al. (2019). Sub-acute effects of psilocybin on empathy, creative thinking, and subjective well-being. Journal of Psychoactive Drugs, 51(2), 123-134. doi:10.1080/02791072.2019.1580804
- Kuypers, K.P.C., et al. (2016). Ayahuasca enhances creative divergent thinking while decreasing conventional convergent thinking. Psychopharmacology, 233(18), 3395-3403. doi:10.1007/s00213-016-4377-8
- Szigeti, B., et al. (2021). Self-blinding citizen science to explore psychedelic microdosing. eLife, 10, e62878. doi:10.7554/eLife.62878
- Polito, V., & Stevenson, R.J. (2019). A systematic study of microdosing psychedelics. PLoS ONE, 14(2), e0211023. doi:10.1371/journal.pone.0211023
- Anderson, T., et al. (2019). Psychedelic microdosing benefits and challenges: an empirical codebook. Harm Reduction Journal, 16, 43.
- Fadiman, J. (2011). The Psychedelic Explorer's Guide. Park Street Press.
- Carhart-Harris, R.L., et al. (2012). Neural correlates of the psychedelic state as determined by fMRI studies with psilocybin. Proceedings of the National Academy of Sciences, 109(6), 2138-2143.